Richtere 21:1

1 De mannen van Israel nu hadden te Mizpa gezworen, zeggende: Niemand van ons zal zijn dochter aan de Benjaminieten ter vrouwe geven.

Richtere 21:1 Meaning and Commentary

Judges 21:1

Now the men of Israel had sworn in Mizpeh
Where they were there convened, before the war began; after they had heard the account the Levite gave of the affair, which brought them thither; and after they had sent messengers to Benjamin to deliver up the men of Gibeah, that had committed the wickedness; and after they perceived that Benjamin did not hearken to their demand, but prepared to make war with them; then, as they resolved on the destruction of Gibeah, and of all the cities that sent out men against them, even all the inhabitants of them, men, women, and children, entered into an oath, that they would use those men that remained as Heathens, and not intermarry with them, as follows:

saying, there shall not any of us give his daughter unto Benjamin to
wife;
seeing those that used the wife of the Levite in such a base manner, and those that protected and defended them, deserved to have no wives.

Richtere 21:1 In-Context

1 De mannen van Israel nu hadden te Mizpa gezworen, zeggende: Niemand van ons zal zijn dochter aan de Benjaminieten ter vrouwe geven.
2 Zo kwam het volk tot het huis Gods, en zij bleven daar tot op den avond, voor Gods aangezicht; en zij hieven hun stem op en weenden met groot geween.
3 En zeiden: O HEERE, God van Israel! Waarom is dit geschied in Israel, dat er heden een stam van Israel gemist wordt?
4 En het geschiedde des anderen daags, dat zich het volk vroeg opmaakte, en bouwde aldaar een altaar; en zij offerden brandofferen en dankofferen.
5 En de kinderen Israels zeiden: Wie is er, die niet is opgekomen in de vergadering uit al de stammen van Israel tot den HEERE? Want er was een grote eed geschied aangaande dengene, die niet opkwam tot den HEERE te Mizpa, zeggende: Hij zal zekerlijk gedood worden.
The Dutch Staten Vertaling translation is in the public domain.