49
En Saul stierf, en Baal-Hanan, de zoon van Achbor, regeerde in zijn plaats.
50
Als Baal-Hanan stierf, zo regeerde Hadad in zijn plaats, en de naam zijner stad was Pahi, en de naam zijner huisvrouw was Mehetabeel, de dochter van Matred, dochter van Mee-Sahab.
51
Toen Hadad stierf, zo werden vorsten in Edom: de vorst Timna, de vorst Alja, de vorst Jetheth,
52
De vorst Aholibama, de vorst Ela, de vorst Pinon,
53
De vorst Kenaz, de vorst Theman, de vorst Mibzar,