33
En als de zesde ure gekomen was, werd er duisternis over de gehele aarde, tot de negende ure toe.
34
En ter negender ure, riep Jezus met een grote stem, zeggende: ELOI, ELOI, LAMMA SABACHTANI, hetwelk is, overgezet zijnde: Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten?
35
En sommigen van die daarbij stonden, dit horende, zeiden: Ziet, Hij roept Elias.
36
En er liep een, en vulde een spons met edik, en stak ze op een rietstok, en gaf Hem te drinken, zeggende: Houdt stil, laat ons zien, of Elias komt, om Hem af te nemen.
37
En Jezus, een grote stem van Zich gegeven hebbende, gaf den geest.