Romeinen 2:2

2 En wij weten, dat het oordeel Gods naar waarheid is, over degenen, die zulke dingen doen.

Romeinen 2:2 Meaning and Commentary

Romans 2:2

But we are sure that the judgment of God
By "the judgment of God", is not meant what is exercised on and towards men in this life, but what will follow after death; which is called judgment to come, is represented as certain, will be universal as to persons and things, and is here called "the judgment of God", in opposition to the judgment of men; and because it will be carried on by God only, who is omniscient and omnipotent, and will be definitive: this is and will be,

according to truth, against them which commit such things;
in opposition to all hypocrisy and unrighteousness: and it may design the law and light of nature by which the Gentiles, the law of Moses by which the Jews, and the Gospel of Christ by which all have enjoyed the Gospel revelation, will be judged; or the truth of their own consciences in them all: now we may be sure of this judgment; and of its being according to truth, from reason, from Scripture, and from the being and perfections of God.

Romeinen 2:2 In-Context

1 Daarom zijt gij niet te verontschuldigen, o mens, wie gij zijt, die anderen oordeelt; want waarin gij een ander oordeelt, veroordeelt gij uzelven; want gij, die anderen oordeelt, doet dezelfde dingen.
2 En wij weten, dat het oordeel Gods naar waarheid is, over degenen, die zulke dingen doen.
3 En denkt gij dit, o mens, die oordeelt dengenen, die zulke dingen doen, en dezelve doet, dat gij het oordeel Gods zult ontvlieden?
4 Of veracht gij den rijkdom Zijner goedertierenheid, en verdraagzaamheid, en lankmoedigheid, niet wetende, dat de goedertierenheid Gods u tot bekering leidt?
5 Maar naar uw hardigheid, en onbekeerlijk hart, vergadert gij uzelven toorn als een schat, in den dag des toorns, en der openbaring van het rechtvaardig oordeel Gods.
The Dutch Staten Vertaling translation is in the public domain.